Bijzonder geregeld vervoer

1. Definitie

Het bijzonder geregeld vervoer is het personenvervoer, ongeacht door wie het wordt georganiseerd, van bepaalde categorieën van reizigers met uitsluiting van andere reizigers, op voorwaarde dat dat vervoer geschiedt op de wijze van het geregeld vervoer en dat het wordt uitgevoerd met voertuigen die plaats bieden aan meer dan negen personen (inclusief de bestuurder).

2. Loonstelsel

Uurloon

Zoals in het geregeld vervoer zijn de uurlonen indexgebonden. Wanneer het gemiddelde indexcijfer van vier opeenvolgende maanden de spilindex bereikt, worden de lonen met 2% verhoogd vanaf de eerste daaropvolgende maand.

Het rekenkundig gemiddelde van de afgevlakte gezondheidsindex van de 4 jongste maanden (107,74) overschreed de spilindex (107,63) in april 2020 zodat de uurlonen van het rijdend personeel van de bijzondere autobusdiensten dienen verhoogd met 2% vanaf 01/05/20. De spilindex is 109,78 (Basis 2013). De uurlonen worden dus :

Anciënniteit

Vanaf 01/09/08 wordt aan de chauffeurs bijzonder geregeld vervoer die tewerkgesteld worden krachtens arbeidsovereenkomsten van bepaalde duur die niet aan elkaar verbonden zijn in de tijd wegens afwezigheid van werk (bv. tijdens de schoolvakanties) een anciënniteit van max. 2 jaar toegekend voor de betaling van het uurloon. Deze anciënniteit van max. 2 jaar wordt toegekend in functie van de datum van de eerste Dimona-aangifte die voor de betrokken chauffeur werd uitgevoerd.

Vb. 1 : eerste Dimona-aangifte uitgevoerd op 01/09/07 (dit is de eerste keer dat de betrokken chauffeur door u in dienst werd genomen) : chauffeur krijgt een anciënniteit van 1 jaar op 01/09/08 voor de betaling van het barema. Vb. 2 : eerste Dimona-aangifte uitgevoerd op 01/09/05 (dit is de eerste keer dat de betrokken chauffeur door u in dienst werd genomen) : chauffeur krijgt op 01/09/08 een anciënniteit van 2 jaar voor de betaling van het uurloon.

De anciënniteit die wordt toegekend kan bijgevolg maximum 2 jaar bedragen in functie van de datum van de eerste Dimona-aangifte. De bedoeling is dat deze anciënniteit de jaren nadien verder wordt opgebouwd. Deze regeling doet uiteraard geen afbreuk aan gunstiger regelingen overeengekomen op ondernemingsvlak. Let wel! De toekenning van anciënniteit gebeurt enkel met het oog op de betaling van het uurloon en niet met het oog op de berekening van een opzegtermijn of opzegvergoeding ingeval van beëindiging van de arbeidsovereenkomst. De chauffeurs worden immers tewerkgesteld krachtens een contract van bepaalde duur. De anciënniteit wordt eveneens enkel toegekend, indien de arbeidsovereenkomsten van bepaalde duur niet aan elkaar verbonden zijn in de tijd wegens afwezigheid van werk, bv. als gevolg van de schoolvakanties. Indien de chauffeur op eigen initiatief de tewerkstelling onderbroken heeft, wordt de anciënniteit niet opgebouwd.

Overuren

In het bijzonder geregeld vervoer zijn de grenzen voor overuren de volgende: * 10u/dag * 50u/week * gemiddeld 38u/week over een periode van een semester

Onvoorziene prestaties

Eventuele aanvullende prestaties waarvan de betrokken werknemer de dag tevoren niet op de hoogte is gesteld. Het is dus een voordeel dat op dezelfde dag wordt aangevraagd. De onvoorziene prestaties worden vergoed met een toeslag van 25% van het uurloon.

Nachtarbeid

In het bijzonder geregeld vervoer is nachtarbeid toegelaten, maar is een toeslag van 1,011€ voorzien tussen 22u en 6u.

Betaling van zondagarbeid/ feestdagen

Bij arbeid op zon- en feestdagen worden de lonen met 100% verhoogd.

Stationnementspremie

Stationnement is een stop op de lijn; de werknemer kan vrijelijk over zijn tijd beschikken, wat niet als arbeidstijd wordt beschouwd. Stationnement is inbegrepen in de amplitude (diensttijd). De stationnementspremie is gelijk aan het loon uitgekeerd voor een periode van 15' werktijd, verhoogd met een aantal minuten gelijk aan de helft van de totale stationnementstijd.

Voorbeeld:

* stationnement: 2u30'

* vergoede tijd: 15' + (2u30': 2) = 1u30

Onderbreking

Een onderbreking is een periode van stilstand in het startdepot. Het is opgenomen in de amplitude (diensttijd). De werknemer kan vrijelijk over zijn tijd beschikken, het wordt niet als arbeidstijd beschouwd. De premie voor onderbreking is gelijk aan het loon uitgekeerd voor een werktijd van dezelfde duur met een maximum van zestig minuten. Voor de eerste onderbreking waarvan de duur 60 minuten overschrijdt wordt geen premie betaald.

Voorbeeld: * eerste onderbreking 1u15' * tweede onderbreking 2u10' * eerste onderbreking meer dan 1u = geen premie * tweede onderbreking = 1 uur premie

Forfaitaire vergoeding voor gesplitste diensten

Vanaf 1 januari 2008 wordt een forfaitaire vergoeding voor gesplitste diensten van één euro per effectief gepresteerde dag toegekend voor de chauffeurs uit het bijzonder geregeld vervoer die tegelijkertijd aan de drie volgende voorwaarden voldoen: * tewerkstelling volgens een gesplitste dienst op de betrokken dag; * de chauffeur neemt het voertuig niet mee naar huis; * de chauffeur heeft zijn woonplaats op een afstand van meer dan 5 km van de plaats van tewerkstelling.

Eindejaarspremie

De eindejaarspremie is gelijk aan de eindejaarspremie toegekend aan het rijdend personeel van de autocarondernemingen. Betalingsdatum van het voorschot: half december.

Het Sociaal Fonds betaalt een voorschot aan de leden van het rijdend personeel die recht hebben op deze eindejaarspremie. De wergever betaalt het te betalen bedrag op basis van de toekenningsmodaliteiten, verminderd met het voorschot.

Referentieperiode: kalenderjaar

Betalingsdatum: 50% voor 31 december van de referentieperiode + 50% voor de 10 januari van het volgende jaar

Anciënniteit chauffeur : geen Modaliteiten: de personeelsleden die gedurende het volledige referentiejaar hebben gewerkt, ontvangen het totale bedrag van de premie

Gelijkgestelde perioden:

* Wettelijke vakantie dagen

* Ziekte en arbeidsongeval (maximum 6 maanden) * De dagen werkloosheid wegens het coronavirus tijdens de periode van 16 maart 2020 tot en met 30 juni 2020 Premie berekend naar rata van de maanden arbeidsprestaties : De personeelsleden die in de loop van het referentiejaar : * toegetreden zijn tot werkloosheid met bedrijfstoeslag of met pensioen zijn gegaan ; * in dienst zijn getreden ; * ziek zijn geweest of arbeidsongeschikt zijn ten gevolge van een arbeidsongeval gedurende meer dan 6 maanden ; * werden ontslagen (behalve om dringende reden) ; bekomen de premie berekend naar rata van de maanden arbeidsprestaties. In de bovenstaande gevallen telt een effectieve arbeidsprestatie van ten minste 10 dagen voor een volledige maand. Deeltijds werk: naar rato van de wekelijkse arbeidsduur. Verlies van recht: * Opzegging door de werknemer in de referentieperiode en niet meer in dienst op 31 december van dat jaar * Ontslag voor dringende reden

Ecocheques

Elk jaar hebben chauffeurs die vanaf 1 januari van het betreffende jaar 5 jaar bij dezelfde onderneming in dienst zijn en het hele voorgaande kalenderjaar hebben gewerkt, recht op ecocheques ter waarde van 125 euro (indien van toepassing, naar rato van het werkrooster). De betaling van deze ecocheques geschiedt uiterlijk op 30/06 van het betrokken jaar.

Onder anciënniteit van minimum 5 jaar wordt verstaan: gedurende de vijf opeenvolgende jaren voorafgaand aan het toekenningsjaar tewerkgesteld worden door dezelfde werkgever, ongeacht de duur van de prestaties in de betrokken jaren.

Het uiteindelijk toe te kennen bedrag wordt berekend volgens dezelfde modaliteiten als deze van toepassing voor de eindejaarspremie. Deze berekening gebeurt over een referteperiode van 12 maanden, met name het kalenderjaar voorafgaand aan het toekenningsjaar.

De dagen tijdelijke werkloosheid corona tussen 16/03/20 en 30/06/20 worden gelijkgesteld met effectief gepresteerde dagen voor de toekenning van de ecocheques in 2021.

ARAB-vergoeding

Gelet op het mobiele karakter van het beroep van chauffeur waardoor onmogelijk vanuit de vervoersonderneming kan gezorgd worden voor een aantal sanitaire voorzieningen, dient noodgedwongen beroep te worden gedaan op bestaande privéaccommodatie. De zogenaamde ARAB-vergoeding is een forfaitaire tegemoetkoming in de kosten die deze werknemers moeten maken om gebruik te maken van deze voorzieningen. Bijgevolg is deze vergoeding vrijgesteld van RSZ en bedrijfsvoorheffing.

De ARAB-vergoeding wordt geïndexeerd op 1 juli van elk jaar. De hieronder vermelde bedragen houden rekening met de indexering op 01/07/2021.

Er moet een onderscheid worden gemaakt naargelang de chauffeur vóór of na 1 september 2008 is aangeworven:

a) chauffeurs in dienst voor 1 september 2008: Het maandbedrag van de ARAB-vergoeding is verschuldigd vanaf zes effectieve prestatiedagen per maand. Tot en met vijf effectieve prestatiedagen per maand is een bedrag per effectief gepresteerde dag verschuldigd. * meer dan 25 uren/week: - vanaf 6 effectieve prestatiedagen: 128,66€/maand - tot en met 5 effectieve prestatiedagen: 7,07€/dag * maximum 25 uren/week: - vanaf 6 effectieve prestatiedagen: 117,64€/maand - tot en met 5 effectieve prestatiedagen: 6,46€/dag

b) chauffeurs in dienst vanaf 1 september 2008: Voor de chauffeurs in dienst vanaf 1 september 2008 ligt de grens voor het dagbedrag vast op negen effectieve prestatiedagen per maand. Het maandbedrag wordt toegekend vanaf tien effectieve prestatiedagen per maand. * meer dan 25 uren/week: - vanaf 10 effectieve prestatiedagen: 128,66€/maand - tot en met 9 effectieve prestatiedagen: 7,07€/dag * maximum 25 uren/week: - vanaf 10 effectieve prestatiedagen: 117,64€/maand - tot en met 9 effectieve prestatiedagen: 6,46€/dag

Covid-19 - Halve dag tijdelijke werkloosheid (TW) - leerlingenvervoer

De mogelijkheid om een beroep te doen op TW voor een halve dag vereist een annulering van een concrete opdracht door een onderwijsinstelling.

Zodra de opdracht door de onderwijsinstelling is geannuleerd, moet de werkgever de TW onmiddelijk meedelen aan de RVA. Dit moet gebeuren hetzij de dag zelf, hetzij de werkdag die erop volgt, hetzij de werkdag die eraan voorafgaat, indien de werkgever zeker weet dat de uitvoering van de arbeidsovereenkomst zal geschorst worden.

De mededeling vermeldt de volgende gegevens : 1° de naam, het adres en het ondernemingsnummer van de werkgever of de onderneming; 2° de naam, de voornaam, het identificatienummer van de sociale zekerheid van de werkloos gestelde werknemer; 3° de dag waarop de arbeidsovereenkomst voor een halve werkdag wordt geschorst; 4° het volledig adres van de plaats waar de werkloos gestelde werknemer die halve dag normaal zou gewerkt hebben (voor leerlingenvervoer, is dat adres het adres van de onderwijsinstelling); 5° de verklaring dat er die halve werkdag niet kan worden gewerkt omwille van een onvoorzienbare en buiten de wil van de werkgever gelegen reden die het rechtstreeks gevolg is van de COVID-19-pandemie; 6° het aantal uren dat de werknemer op die dag normaal zou hebben gewerkt volgens het toepasselijke uurrooster; 7° het aantal uren dat wegvalt omwille van een onvoorzienbare en buiten de wil van de werkgever gelegen reden die het rechtstreeks gevolg is van de COVID-19-pandemie.

De mededeling gebeurt elektronisch. De werkgever ontvangt een ontvangstbewijs. Wanneer het technisch onmogelijk is om de mededeling elektronisch te verrichten, mag deze gebeuren door verzending van een mededeling aan het werkloosheidsbureau van de RVA van de plaats waar de onderneming gevestigd is. De gegevens van deze mededeling worden door de RVA 5 jaar bewaard.

Deze maatregel is geldig tot en met 30 juni 2021.

3. Prestatieblad

Krachtens het sociaal akkoord 2007-2008, werd een prestatieblad ingevoerd voor de chauffeurs die bijzonder geregeld vervoer verrichten. Het prestatieblad wordt ingevuld door de werkgever en maandelijks aan de chauffeur overhandigd. Het bevat voor iedere dag van de maand een overzicht van de prestaties geleverd en vergoed volgens de loon- en arbeidsvoorwaarden van toepassing in het bijzonder geregeld vervoer. Aangezien enkel de prestaties die vergoed worden volgens PC 140.02 moeten vermeld worden, moet de gemengde arbeid bijzonder geregeld vervoer - ongeregeld vervoer op eenzelfde dag enkel vermeld worden op het prestatieblad, indien die dag volgens het bijzonder geregeld vervoer wordt vergoed (dus indien meer uren aan dit vervoer werden besteed). Indien dit niet het geval is, moet in de kolom "Code", de code "A" (Andere) worden vermeld. Een toelichting bij de verschillende kolommen vindt u op het prestatieblad. Het prestatieblad wordt in twee exemplaren opgesteld: één voor de werkgever en één voor de werknemer. De werkgever dient dit blad vijf jaar bij te houden. Een sectoraal model van het prestatieblad werd opgesteld onder de vorm van een Excel-bestand dat bij de FBAA beschikbaar is. U kunt hiervan afwijken en een eigen model hanteren op voorwaarde dat de minimale vermeldingen van het sectoraal model ook voorkomen op het eigen model en op voorwaarde dat dit eigen model wordt goedgekeurd hetzij door de ondernemingsraad of bij gebrek hieraan door de vakbondsafvaardiging of bij gebrek hieraan door het Paritair Comité voor het Vervoer en de Logistiek. Het prestatieblad trad in werking op 1 maart 2008 en moet bijgevolg gebruikt worden voor de prestaties geleverd vanaf die datum.


Relevante wetgeving

© 2021 Instituut voor de autoCar en de autoBus, alle rechten voorbehouden

Nederlands / Français